2223_40- Visualiseren en documenteren van concrete oplossingen voor particuliere bouwers in het domein van circulair bouwen.

Circulair bouwen wint gaandeweg aan terrein. Toch laat het gros van de (ver)bouwers het principe links liggen. En mensen die wél overtuigd zijn, vinden maar moeilijk informatie en al zeker geen antwoorden op hun specifieke vragen.

Toch hebben heel wat vragen die bouwheren zich stellen bij het ontwerp en de realisatie van hun woning, een circulair antwoord. Maar vaak zijn ze zich daar niet bewust van. Ook adviesgevers waar ze zich toe richten, hebben niet altijd een circulaire reflex. Met het project C-Adviseurs willen wij – dat zijn Vibe en Ecobouwers – adviesgevers in Vlaanderen ondersteunen en wapenen zodat bouwheren op hun klassieke vragen een circulair antwoord krijgen.

Gelijktijdig willen we bouwheren ontzorgen, zodat ze ook na het advies, aan de slag kunnen gaan. Via Ecobouwers.be en C-bouwers.be bieden we hen tools, inspiratie en gebruiksvriendelijke info aan en wijzen hen de weg naar circulaire producten, diensten, aannemers en architecten.

Lees verder

2223_39- Hoe kan de opmaak van vergunningsplannen efficiënter/automatischer gebeuren dankzij het gebruik van CAD- en GIS-programma’s?

Om de Ring rond Antwerpen rond te maken en de Oosterweelverbinding definitief vast te leggen, werd in 2020 een eerste vergunningsaanvraag goedgekeurd. Deze eerste vergunning bevatte een hoofdtracé van de geplande werken. Om de werken concreet uit te voeren werd elk onderdeel van de verbinding verder in detail ontworpen. Deze verdere detaillering en uitvoering van de werken zorgen voor aanpassingen aan het goedgekeurd plan, waardoor er momenteel nog 10tallen bijkomende vergunningsaanvragen worden ingediend. Deze aanvragen worden binnen de afdeling Omgevingsintegraliteit opgemaakt door o.a. de samenwerking van het tekenteam en het vergunningenteam. Het tekenteam zorgt voor de opmaak van de vergunningsplannen op basis van de nieuw ontworpen toestanden. Binnen deze teams zijn we ook bezig met een GIS-platform te ontwikkelen om snel GIS-analyses van de nieuwe ontwerpen te creëren om in de verantwoordingsnota (B26) te gebruiken. Aangezien dit gelijkaardige vergunningsaanvragen zijn, zou een automatisering van de opmaak van deze vergunningsplannen en GIS-analyses mogelijk zijn. Een stage binnen het tekenteam van Lantis is dan ook sterk aangeraden om deze onderzoeksvraag zo goed mogelijk te beantwoorden.

meer info: christophe.goffi@lantis.be

2223_37- Hoe kunnen wij gestructureerde gegevens opzetten waarmee wij onze interne doelstellingen kunnen bereiken en effectief kunnen communiceren met externen?

Elk bouw/renovatie/sloop project brengt een aanzienlijke hoeveelheid gegevens met zich mee die moeten worden gedefinieerd, beheerd en gebruikt.

Om de juiste informatie op het juiste moment te kunnen gebruiken, moeten deze gegevens worden gestructureerd. Hoewel iedereen het hierover eens is, is het moeilijker om een consensus te vinden over de manier waarop dat moet gebeuren.
Hieruit kan worden afgeleid dat de uitdaging niet beperkt blijft tot het invoeren en structureren van de gegevens die voor hen van belang zijn op de manier die hun het meest geschikt lijkt voor hun behoeften. De kern van de uitdaging ligt vooral in de efficiëntie van de uitwisselingen en in de samenwerking tussen de belanghebbenden.

Lees verder

2223_36- Hoe ziet een kwalitatieve randafwerking er in een dorpse context uit en hoe garandeer je meerwaarde voor het dorp? (onderzoek op Avelgem)

Intercommunale Leiedal startte in 2020 met het masterplan voor het centrum van Avelgem. Er werd onderzocht in welke mate Avelgem nood heeft aan een ruimtelijk beleidsplan, ter vervanging van haar structuurplan. Om het masterplan op te maken van de hoofdkern van Avelgem werden de bestaande visiedocumenten afgetoetst aan de toekomstige ruimtelijke uitdagingen.

Het masterplan stelt een netwerk van trage doorsteken voor dwars op de steenweg en dwars op de scheldevallei. Aan deze belangrijke verbindingen worden groenruimte en ruimte voor water gekoppeld. Daarnaast werden percelen met ontwikkelingspotentieel naar voren geschoven omwille van de meerwaarde die ze kunnen hebben voor het hele dorp. Deze nieuwe ontwikkelingssites bieden de kans om het woonaanbod in het dorp te diversifiëren, kernversterkend programma strategisch te introduceren en de relatie tussen het dorp en de Scheldemeersen te herdenken door te bouwen aan de rand. De eerste lijnen zijn uitgezet, maar hoe ziet zo’n kwalitatieve randafwerking er in een dorpse context uit? En hoe garandeer je meerwaarde voor het dorp?

Lees verder

2223_35- De minimale woonoppervlakte in Brugge is 33m². Dat staat vast. Hoe gaan we met minimale woonoppervlakte om bij nieuwe woonvormen?

De minimale woonoppervlakte die Vlaanderen oplegt is naar Brugse normen veel te beperkt. Om kwaliteitsvol permanent te wonen is volgens ons 33m² een absoluut minimum. Bij nieuwe woonvormen worden ruimtes gedeeld en is de woonoppervlakte niet meer duidelijk te bepalen.

We hebben nood aan een nieuw kader.

33m² blijft sowieso de minimale oppervlakte voor permanent wonen.

Lees verder

2223_30- Bio-based veranderingsgericht energetisch renoveren binnen traditionele gemetselde eengezinswoningen: de ontwikkeling van een handleiding voor het opmaken van een veranderingsgericht uitvoeringsdossier.

Hoe kunnen we deze bestaande structuren op een bio-based veranderingsgerichte manier energetisch gaan renoveren met die gedachte dat deze handelingen omkeerbaar moeten zijn in de toekomst zonder downcycling. Waarbij we starten met een analyse van een bestaande typische rijwoning om zo het aanwezige koolstofbudget te bepalen en het re-use potentieel in beeld te brengen.

Lees verder

2223_29- Uitwerken van een protocol voor de ventilatieverslaggever.

Ventilatieverslaggeving is al een tijdje verplicht bij residentiële nieuwbouwprojecten en ingrijpende energetische renovaties. Omdat dit voor de bouwheer weer een bijkomende kost is die meestal niet voorzien is binnen het budget, komt het erop aan om de kosten voor de bouwheer zoveel mogelijk te drukken.

Het reduceren van de tijd die de ventilatie-ontwerper/verslaggever per project spendeert ligt hierbij voor een stuk aan de basis. Door het ontwikkelen van een gestandaardiseerde werkwijze/protocol voor zowel het ventilatievoorontwerp als het ventilatie prestatieverslag, kan de geïnvesteerde tijd worden beperkt. 

Lees verder

2223_28- Kosten-batenanalyse van een renovatieproject aan de hand van een BIM-model.

De huidige energiecrisis en de stijgende wil van bouwheren om hun woningen te renoveren brengt een aantal vragen met zich mee. Zo is de bouwheer bezorgd over de stijgende energieprijzen en wil hij eventueel wel investeren in energiebesparende maatregelen.

Daar staat weliswaar een investeringskost tegenover die ook in stijgende lijn is, mede als gevolg van het conflict in Oekraïne. De beslissingen die de bouwheer bij gevolg moet maken zijn niet eenvoudig. Al snel stellen ze zich de vraag welke investeringen nu interessant of rendabel zijn en dewelke niet.

Lees verder

2223_26- Dynamische simulatie van het energieverbruik van woongebouwen met behulp of import van BIM-software

De energiecrisis kent een piek en dwingt bouwheren om stil te staan bij de energieconsumptie van gebouwen, zowel voor verwarming, ventilatie en koeling als voor huishoudelijk energieverbruik.

Voor het bepalen van het energieverbruik van een gebouw wordt heel vaak verkeerdelijk teruggegrepen naar de EPB-software. Deze software van de Vlaamse Overheid is een tool om te checken of bouwheren aan de nodige eisenpakketten voldoen en om in te schatten hoe goed een gebouw presteert op het vlak van energieconsumptie ten opzichte van andere gelijkaardige gebouwen. De indicator ‘E-peil’ en ’S-Peil’ zijn inmiddels erg bekend, maar geven geen informatie over het werkelijk energieverbruik van een gebouw. 

Lees verder

2223_25- REVIT versus GRO tool. Ambitieniveau duurzaamheid van gebouwen.

Circulair bouwen, circulaire economie en energiezuinig is een alom gekend fenomeen.

De vraag is hoe meet je dit alles tijdens ontwerp of op een aanbesteed/bestaand dossier, … en hoe kan je hier gaan optimaliseren of bijsturen tijdens ontwerp of zelfs in uitvoering.
Wat is het meest haalbare ambitieniveau en hoe kan de link snel gemaakt worden tussen de GRO-tool en Revit.

Lees verder

2223_22- Het vereenvoudigen van de controle productie-elementen a.d.h.v. BIM, meer bepaald van Solibri. Hoe een ruleset opmaken voor een max. controle ?

Hoe ver kan je als aannemer gaan om productie elementen te controleren aan de hand van BIM-software zoals Solibri ?

Wat kan allemaal geautomatiseerd worden en welk info moet hiervoor minimaal aanwezig zijn in het productiemodel ? Hoe moet een ruleset in Solibri opgemaakt worden, om bijvoorbeeld de positie en de spelingen van productie-elementen te controleren ? Wat kan er naast de positie en het volume nog gecontroleerd worden ? Is een automatische controle betrouwbaar ?

Lees verder

2223_21- Kan BIM een meerwaarde bieden bij restauratie ? Welke BIM-toepassingen zijn mogelijk en rendabel ? (3D san, productiemodellen, AR,…)

Hoe kan BIM een meerwaarde bieden bij een aannemer restauratie ?
Hoe moet je omgaan met pointclouds / 3D scans bij restauratie ? Hoe omzetten naar een BIM-model, gezien we hier met complexe vormen omgaan ? Welke software wordt hiervoor het best gebruikt ?

Kunnen ook hier productiemodellen gemaakt worden. Dit om bijvoorbeeld een CNC-machine aan te sturen ?

Is de tijdsinvestering om zo’n productiemodel te creëren aanvaardbaar i.v.m. de geleverde output ?
Andere voordelen of toepassingen van BIM bij restauratie mogelijk ?

Lees verder

2223_20- Hoe zet je bestaand patrimonium efficiënt om naar een BIM model klaar voor facility management?

Een efficiënt beheer van de gebouwen van een hogeschool zoals Howest vergt een doorgedreven facility management.

Met de opkomst van BIM wordt er de laatste jaren veel verwacht van de 7de dimensie (7D) van BIM: het verbeteren van het dagelijks beheer van gebouwen door gebouweigenaars en/of -beheerders. Dit type BIM laat toe belangrijke data zoals de status van het gebouw, reparaties, verbeteringen, garanties, technische specificaties, onderhoud en de dagelijkse werking te beheren.

Het betreft een tweedelig onderzoek: welke informatie koppelt men aan het BIM-model en hoe zetten we het BIM-model om naar een facility model?

Case wordt het complex van de K- en L-vleugel van de Howest-campus Rijselstraat 1. Men vertrekt vanaf het digitaal as-built dossier (deels PDF, deels Autocad) met de architectuur- en techniekenplannen.

Onderzoek wordt gedaan naar:

– Hoe op efficiënte wijze bestaand patrimonium om te zetten naar een eenvoudig BIM-model? Best practises, keuze van tools (vanuit as built, vanuit bestaande toestand …)

– Hoe dit vereenvoudigd model klaar zetten voor facility (basics zoals technisch onderhoud, gebouwbeheer, schoonmaak etc)?

Je wordt ondersteund door de Medewerker Projecten en gebouwen van Howest, Eva Decheiver. Overleg met de projectleider van de aannemer van de in opbouw zijnde campusgebouwen hoort eveneens bij het onderzoek.

meer info: eva.decheiver@howest.be

2223_19- Hoe maken we een integraal model levensecht bruikbaar voor alle belanghebbenden (bewoners, steden en gemeenten, architecten, aannemer, … )?

Integrale modellen worden opgemaakt in Infraworks, echter creëren we hiermee geen levensechte beelden/ filmpjes/ digital twins. Hoe linken we integrale modellen met game engines? Waarom maken we tussenstappen in pakketten als 3ds Max?

Lees verder

2223_18- De bouwsector is samenwerken, echter gefragmenteerd. Kunnen we beter samenwerken door het gebruik van cloudoplossingen?

Autodesk helpt gebruikers een stap verder in de richting van de digitalisatie van de AEC-industrie.

Waarom zouden wij als studiebureau Antea gebruik maken van Autodesk Construction Cloud? Alsook hoe kunnen de verschillende producten stelselmatig worden ingezet bij verschillende collega’s.

Lees verder

2223_16- Hoe kan een digital twin ingezet worden bij het onderhoud en beheer van residentieel en professioneel vastgoed?

De digitalisatie van bedrijven in alle sectoren is niet meer weg te denken. Vaak worden de bedrijfsgebouwen echter nog beheerd op ouderwetse en tijdrovende manieren.

Denk aan PDF plannen die afgedrukt worden, brandplannen die niet overeenstemmen met de bestaande toestand, leidingen die niet gekend zijn…

Kan een digital twin hier een oplossing bieden?

Als een bedrijf hiermee begint, hoe wordt dat best geïmplementeerd?

Denk bij de term “bedrijven” heel breed: productiehallen, kantoorgebouwen, ziekenhuizen…

meer info: guillaume@landmeteropsomer.be

2223_15- Hoe kan een digital twin ingezet worden bij het onderhoud en beheer van ons onroerend erfgoed?

De digitalisatie in de bouw staat niet stil.
Sinds enkele jaren komt het concept “digital twin” sterk aan bod, al is de definitie hieromtrent zeer vaag:

“Het idee van de digital twin is een virtuele representatie van een product dat een integrale rol speelt in onze door technologie gedreven moderne industriële wereld.”

Door middel van BIM (nieuwbouw), 3D scanning/scan2BIM (bestaande gebouwen) en verschillende andere softwareapplicaties, kan een digitaal model van een gebouw gemaakt worden.

Hoe gaan we hier best mee aan de slag?

meer info: guillaume@landmeteropsomer.be

2223_14- Onderzoek naar circulaire gevelopbouwen.

De bouwschil is o.i. één van de belangrijkste circulaire uitdagingen. Het geheel moet voldoen aan verschillende eisen, zoals water- en winddichting, isolatie, natuurlijke lichtinval, akoestiek, brand, integratie van technische installaties (zoals zonwering, ventilatie, elektriciteit,…), binnen- en buitenafwerking,…

Lees verder